Geschiedenis


In juli 2000 ontmoetten Manfred Dahmen en Ruud Halink elkaar, tijdens een congres van docenten Frans uit de hele wereld, in Parijs. Een opmerkelijk plek voor twee mensen die op enkele kilometers van elkaar wonen, namelijk in Luik en Maastricht.

Ruud Halink presenteerde in de Lichtstad de resultaten van een klein project dat de Talenacademie had georganiseerd met 2 Nederlandse en 2 Duitse scholen. Het ging om tandem leren en de betrokken docenten waren daarover erg positief, de leerlingen werden door de contacten namelijk erg gemotiveerd. Manfred vond dit een aardige werkwijze om ook voor de Waalse leerlingen in te zetten om Nederlands te leren, maar het duurde nog even voordat het een officieel project was.


 

In het schooljaar 2001-2002 organiseerde Ruud Halink studiemiddagen rond tandem leren op 7 verschillende plaatsen in Wallonië om kennis te maken met het tandem werk. Enkele docenten Nederlands vonden dit interessant om ook eens te proberen. 

Nu was er de basis om een project op te zetten en daarvoor zochten Manfred en Ruud ook de samenwerking met de Universiteit van Luik, om de effecten van het tandem leren op het leerproces van de leerlingen te volgen. Germain Simons aldaar vond dit interessant, zeker als we ook zouden meten of er een effect zou zijn op de vooroordelen die leerlingen hebben tegenover hun buren. Naast de steun van het Europees Platform kwam er nu ook steun van de Franstalige gemeenschap.

Een pilot groep van 2 Nederlandse en 2 Waalse scholen is eind 2002 gestart tijdens een eerste bijeenkomst in Maastricht waar kennis maakten met het project en met het begeleidende onderzoek. Eind 2004 werd dit eerste pilot project afgerond met positieve uitkomsten (doorklik naar onderzoeksresultaten): de leerlingen bleken zowel qua taalvaardigheid als qua culturele vaardigheid meer geleerd te hebben dan tijdens “normale’ lessen. Ook was de spreekangst minder en de motivatie groter.

Dit was een reden om ook andere scholen in de gelegenheid te stellen om aan het tandemproject mee te werken en eigenlijk was de groep van deelnemende docenten inmiddels al vanzelf gegroeid van 4 naar 12 scholen in 2004.  Ook in de jaren daarna groeide het aantal deelnemende docenten en scholen gestaag.

Aan de bekendheid van het tandem leren droeg ook de cd-rom bij, die in 2005 is verschenen en waarin de verschillende aspecten van deze aanpak worden toegelicht en geïllustreerd met videobeelden. De Nederlandse Taalunie was medesponsor hiervan. Ook tijdens congressen en nascholingsdagen werd het tandem leren voorgesteld ook door Fabienne Henriet die als toekomstig inspecteur, dit project wilde ondersteunen.

Inmiddels was het een traditie geworden om de deelnemende docent 1 of 2 keer per jaar uit te nodigen voor een nascholing, waarbij ervaringen werden uitgewisseld, lesmateriaal werd ontwikkeld en de partnerscholen onderling plannen voor de komende periode konden maken.

De afgelopen jaren hebben ook veel scholen voor beroeps- en technisch onderwijs zich aangemeld en in 2008 een eerste scholenpaar voor basisonderwijs.

Het tandemproject beschikt nu over de nodige ervaring en materiaal. De docenten nemen meer de verantwoordelijkheid hiervoor en aan Waalse kant heeft zich een werkgroep gevormd die het project van nieuwe impulsen voorziet.